Geschiedenis
Carrosseriebouw is waar het bij van Dijk allemaal mee begon. Sinds (1912) is van Dijk gespecialiseerd in het bouwen van carrosserieën waarbij de wens van de klant centraal staat. Dit heeft geresulteerd in een uitgebreid leveringspakket. Er is natuurlijk in de loop der jaren enorm veel veranderd. Maar sommige dingen doet Van Dijk carrosserie nog op traditionele wijze; het leveren van maatwerk!
In 1901 begint Dirk van Dijk zijn loopbaan als krullenjongen bij wagenmaker Van Leuveren aan de Postweg in Lunteren. Na een korte militaire onderbreking treedt hij in dienst bij wagenmaker Van Driesten in Harskamp. In 1912 krijgt hij de mogelijkheid het bedrijf van Van Driesten over te nemen en zo aan de slag te gaan als zelfstandig wagenmaker. Lunteren blijft echter trekken en als hem in 1921 de kans geboden wordt het bedrijf van Van Leuveren in Lunteren over te nemen grijpt hij deze dan ook met beide handen aan. Het bedrijf in Harskamp wordt verkocht en wagenmakerij D. van Dijk vestigt zich in Lunteren.
Gerrit van Dijk, de oudste zoon van Dirk van Dijk, neemt in 1926 zijn plaats in het bedrijf in en niet lang daarna volgt ook de derde zoon, Joop van Dijk, dit voorbeeld op. Na de eerst vervaardigde carrosserie in 1938 neemt de vraag naar carrosserieën snel toe, waarna wordt besloten de toenmalige bedrijfsruimte aan de Postweg uit te breiden. De enorme vraag naar carrosserieën blijft doorgroeien tot de Tweede Wereldoorlog. In de oorlogsjaren loopt de bedrijvigheid langzaam teneinde, enerzijds door gebrek aan materialen en anderzijds doordat de vraag naar wagens en carrosserieën ophoudt.
In 1945 wordt de draad weer opgepakt en komt het carrosseriebedrijf definitief van de grond. Het gehavende Nederlandse wagenpark moet weer op peil worden gebracht. Hiervoor komen grote hoeveelheden geallieerde legerwagens ter beschikking. Deze legerwagens worden omgebouwd, omdat de zware stalen laadbakken en cabines niet voor burgerdoeleinden geschikt zijn. Het bouwen van cabines wordt zodoende een specialiteit, maar ook de fabriekschassis’ komen langzaam ter beschikking. Toch moest er ook aandacht besteed worden aan vormgeving en doelmatigheid van de nieuwe wagens.

In 1948 worden Joop en Gerrit van Dijk officieel in het bedrijf opgenomen. Het vervaardigen van boerenwagens loopt teneinde en de houtbouw wordt langzamerhand verdrongen door de staalbouw. In 1953 neemt ook Dirk van Dijk jr., zoon van Gerrit van Dijk, zijn plaats in het bedrijf in. Door de toenemende activiteiten in de cabinebouw wordt naast de bestaande werkplaats een nieuwe hal gebouwd. Bij ingebruikname van deze hal trekt Dirk van Dijk sr. zich definitief uit het bedrijf terug. Joop en Gerrit van Dijk komen aan de leiding en worden door vier personeelsleden ondersteund. Aan hen de moeilijke taak het bedrijf aan te blijven passen aan de steeds hogere eisen welke aan voertuigen werden gesteld.
Begin jaren ’60 neemt de cabinebouw steeds meer af, omdat fabrikanten van vrachtwagens zelf de cabines in productie nemen. Om deze reden gaat Van Dijk zich dan ook meer en meer richten op productie van laadruimten voor de inmiddels sterk groeiende klantenkring. In 1972 neemt Dirk van Dijk jr. het roer over van Gerrit en Joop van Dijk.

In de jaren ’80 krijgt transport een steeds belangrijkere functie, de ontwikkeling van gesloten carrosserieën voor onder andere koel- en vriestransport komt op gang. In het midden van het land worden voornamelijk carrosserieën ten behoeve van het veetransport ontwikkelt, terwijl in het westen carrosserieën voor bloementransport een belangrijke rol spelen. Van Dijk blijft zich te allen tijde aanpassen aan deze ontwikkelingen. Het vervaardigen van veewagens staat tijdens deze jaren dan ook centraal. Eind jaren ’80 komt B&W van de gemeente Ede met het voorstel de bedrijvigheid en industrie uit de dorpskern weg te halen en zodoende wordt het plan op tafel gelegd voor stichting van een bedrijventerrein. In 1994 worden daarom de activiteiten verplaatst naar dit nieuwe bedrijventerrein ‘De Stroet’.

Dirk van Dijk jr. besluit tegelijkertijd zijn directeursfunctie uit handen te geven. De spuiterij, welke al enige tijd onder Van Dijk Carrosserie actief is ondergebracht en voornamelijk eigen carrosserieën spuit, krijgt in het nieuwe pand een eigen afdeling. De spuiterij wordt gescheiden van de carrosserieafdeling en krijgt de naam Van Dijk Schade & Spuittechniek en later Auto Schade Lunteren. De spuiterij gaat zich daarmee steeds meer richten op personenwagens en particulieren.
De carrosserieafdeling richt zich steeds meer op het leveren van een maatwerk product waar in de jaren ’80 de veewagens een specialiteit waren. Het klantenbestand van de carrosserieafdeling groeit rustig maar gestaag door hetgeen niet in de laatste plaats te danken is aan de ruime ervaring die in de afgelopen 100 jaar is opgebouwd. Door het zich continu aanpassen aan de veranderende vraag is Van Dijk Carrosserie uitgegroeid van wagenmakerij in 1912 tot de multifunctionele carrosserie opbouw specialist van nu.
Sinds 1998 is de bedrijfswageninrichting een apart onderdeel binnen Van Dijk Lunteren. Dit vond in het begin nog plaats op de carrosserieafdeling, maar sinds de zomer van 2008 is dit wegens ruimtegebrek ondergebracht op een andere locatie in Lunteren. Deze nieuwe locatie op de Wilbrinkstraat zorgde ervoor dat de bedrijfswageninrichting zich nog meer kon ontwikkelen tot dé specialist in maatwerkoplossingen.

